Afval & vervuiling

Onze honger naar steeds meer producten put de aarde uit: we verbruiken grondstoffen sneller dan de natuur ze kan aanvullen.

Afval en vervuiling 

Afvalscheiding en recycling 

De gemiddelde Nederlander heeft ongeveer 490 kilo afval, waarvan zo’n 60 procent gescheiden wordt. Dit is best een goed percentage, boven het gemiddelde Europese gemiddelde, maar er is zeker ruimte voor verbetering. Met name bij het scheiden van kleding en kleine elektrische apparaten. Een effectieve afvalscheiding maakt namelijk recycling mogelijk en dit zorgt weer voor grondstoffen en energiebesparing, wat het klimaat erg blij van wordt. 

 

Verschillende soorten afvalstromen in Nederland 

De belangrijkste afvalstromen zijn: huishoudelijk afval, bouw- en sloopafval, industrieel afval, groente- en fruit- en tuinafval (gft), textielafval, elektrisch en elektronisch afval (e-waste) en gevaarlijk afval.  

Het huishoudelijke afval bijvoorbeeld, bevat veel recyclebare materialen zoals plastic, papier en metalen. Doordat er vermenging plaatsvindt, krijgen ze minder waarde. Met name in een wereld waar fast fashion en wegwerpproducten veel voorkomen, belanden veel producten snel bij het restafval. Dit wordt in de meeste gevallen thermisch verwerkt (verbranding), waarbij energie wordt teruggewonnen.  

Een ander onderdeel, e-waste groeit de laatste paar jaren enorm snel. Dit komt door onder andere planned obselescense en de beperkte repareerbaarheid. Helaas ontstaat er hierdoor jaarlijks tonnen afgedankte elektronica. In veel van deze apparaten zitten waardevolle grondstoffen, maar het terugwinnen hiervan is lastig en duur. Dat is de reden dat maar slechts een deel op een verantwoorde manier wordt gerecycled. 

Daarnaast is ook textielafval sterk toegenomen. In 2020 gooiden Nederlanders gemiddeld 7 kilo kleding weg per persoon. Tegenwoordig is de kwaliteit in kleding zo afgenomen, terwijl de milieukosten zijn toegenomen. 

De hierboven genoemde afvalstromen geven aan dat er veel waarde verloten gaat, maar ook een hoop kansen liggen om die waarde te behouden. Het afval laat ons zien hoe we consumeren. Het weggooien van goedkope kleding en kapotte apparaten zien we als gevolg van onze gewoontes, waarden en de snelheid waarmee we onze spullen bijvoorbeeld vervangen. Terwijl afval ons ook kansen biedt. Door te analyseren welke afvalstromen het grootst zijn en waarom dat zo is, kunnen we nadenken over oplossingen. We moeten beginnen met onze kansen beter benutten en onze manier van consumeren verbeteren. 

 

Thermische afvalverwerking 

Afval in Nederland wordt verbrand in afvalverbrandingsinstallaties (AVI’s). Bij dit proces wordt energie opgewekt. Ook wordt hierbij afval gebruikt om brandstoffen te maken of om nieuwe materialen van te maken. Dit heet thermische verwerking en kan worden gebruikt bij pyrolyse en vergassen. Daarnaast wordt er van gemengd afval vaste brandstoffen gemaakt. 

Als we kijken naar een circulaire economie wordt ervoor gezorgd dat er zo min mogelijk afval wordt verbrand en daarentegen zoveel mogelijk grondstof wordt gemaakt voor de maakindustrie.  

Het is belangrijk dat er bij de afvalverbrandingscapaciteit in Nederland wordt gekeken dat dit niet groter wordt. Dit zou kunnen zorgen voor een belemmering in hergebruik en recycling. Daarnaast zorgt het voor onder andere uitstoot van stikstof, broeikasgassen en bodemas.  

 

Design for disassembly 

Design for disassembly betekent dat producten al vanaf het ontwerpproces zo worden bedacht dat onderdelen gemakkelijk los te maken zijn zonder schade en dat materialen die gescheiden kunnen worden voor hergebruik of recycling. Daarnaast is dit een belangrijke manier om van de transitie naar een duurzamere en circulaire economie te kunnen. Zo kunnen we zorgen voor minder afval en vervuiling en de waarde van materialen behouden. Een voorbeeld hierbij is dat het gebruiken van lijm en gebruikelijke bevestigingsmiddelen niet worden gebruikt. Het toepassen van design for disassembly heeft meerdere voordelen: 

Afvalvermindering: Producten kunnen worden gerepareerd in plaats van weggegooid. 

Efficiëntere recycling: Materialen kunnen makkelijker worden gescheiden en gerecycled. 

Beperking van vervuiling: Door hergebruik en recycling wordt de behoefte aan nieuwe grondstoffen verminderd. 

 

Voorbeelden van bedrijven die design for disassembly toepassen 

Philips: Dit bedrijf ontwikkelt medische apparatuur die gemakkelijk te demonteren is, zodat onderdelen kunnen worden hergebruikt of gerecycled. 

ECMR: Deze organisatie demonteert industriële schoonmaakmachines om onderdelen en materialen opnieuw te gebruiken in nieuwe producten. 

TNO: Dit onderzoeksinstituut heeft een methode ontwikkeld om plastic uit elektronisch afval te scheiden, wat voor recycling van complexe producten zorgt. 

 

Circulaire economie in 2050 

In 2050 moet de hele Nederlandse economie volledig circulair zijn. Hieronder wordt verstaan dat grondstoffen en producten opnieuw moeten worden gebruikt en dat er geen afval meer mag zijn. De Rijksoverheid onderneemt hierin stappen om samen met medeoverheden, bedrijven en maatschappelijke organisaties onze economie circulair te maken. 

 

Circulaire economie: minder grondstoffen nodig 

De voorraden grondstoffen worden door wereldwijde vraag naar grondstoffen en producten steeds minder. Dit zorgt ervoor dat grondstoffen minder snel toegankelijk zijn.  

In een circulaire economie zijn er weinig grondstoffen nodig. De meeste grondstoffen worden dan herbruikt of vervangen door duurzame biogrondstoffen, wat beter is voor het klimaat, biodiversiteit en de economie: 

Uitstoot van broeikasgassen wordt verminderd bij minder grondstoffen produceren en verwerken. 

Hoeveelheid (zwerf)afval op straat en in natuur gaat omlaag. 

Minder land en energie nodig voor nieuwe grondstoffen. 

Nederland wordt minder afhankelijk van andere landen voor grondstoffen die bedoeld zijn voor de industrie en voedsel. 

Levert nieuwe bedrijven en banen op, zoals de reparatiesector. 

Nieuwe manieren van ondernemen, zoals deel- en leaseconcepten. 

 

Circulaire economie: maatregelen 

In Nederland neemt de overheid maatregelen om zo min mogelijk grondstoffen te gebruiken. Zo onderneemt de overheid bijvoorbeeld: 

Bedrijven moeten tijdens het maakproces van producten meer gerecycled plastic gaan gebruiken. 

De overheid stimuleert burgers om producten te delen. Een voorbeeld is dat buren een auto kunnen delen, zodat er minder auto’s nodig zijn. 

Bedrijven die producten maken mogen het maakproces louter voortzetten als die ook te repareren zijn. Een voorbeeld hiervan is dat apparaten open moeten kunnen om onderdelen te vervangen. 

De Rijksoverheid koopt duurzaam en sociaal in. 

https://circulairmaterialenplan.nl/inspraak/onderwerpen/thermische-afvalverwerking/  

https://link.springer.com/article/10.1186/s13705-024-00499-4  

https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/circulaire-economie/nederland-circulair-in-2050#:~:text=De%20Nederlandse%20economie%20moet%20in,de%20economie%20circulair%20te%20maken.  

https://www.pbl.nl/monitoring-circulaire-economie/publicaties/overheden-en-beleid?utm_source=chatgpt.com 

We hebben je toestemming nodig om de vertalingen te laden

Om de inhoud van de website te vertalen gebruiken we een externe dienstverlener, die mogelijk gegevens over je activiteiten verzamelt. Lees het privacybeleid van de dienst en accepteer dit, om de vertalingen te bekijken.